Vraag van de week

“KAN IK ZELF TOETSEN OF MIJN KIND HOOGBEGAAFD IS?”

Elke week geef ik aandacht aan een vraag die gesteld wordt door ouders in mijn praktijk en dan is deze vraag er toch echt één om mee te starten. Regelmatig krijg ik van ouders de vraag of en hoe ze zelf kunnen toetsen of hun kind hoogbegaafd is. Mijn antwoord luidt steevast “Niet”.

“Startpunt is dat je voelt dat het anders loopt. Ook wanneer er geen aanwijsbare gedragsveranderingen merkbaar zijn, is dit het onderzoeken waard. Het kan ook zijn dat je juist dingen in het gedrag van je kind ziet die je opmerkelijk vindt. Bedenk je dat er iets broedt, anders was je namelijk helemaal niet op zoek gegaan!”

Vragen, vragen en nog eens vragen

Er zijn zeker dingen die je wél kunt doen om je vermoedens te onderzoeken. Ik raad je aan om hierbij eerst op zoek te gaan naar jouw startpunt.

  • Wat maakt dat je dit gevoel hebt? Het gevoel dat er iets niet klopt.
  • Dat het anders lijkt te gaan dan bij andere kinderen in jouw omgeving? Vraag jezelf af waardoor dit gevoel gevoed wordt.
  • Komt dit door frictie met het (school)systeem?
  • Als er waarneembare veranderingen zijn, kunnen die te maken hebben met veranderingen bij jezelf of binnen jullie gezin?
  • Gebeuren er dingen met een broer en/ of zus?
  • Spelen er veranderingen op het werk of tussen jullie als ouders die het kind bewust of onbewust kan oppikken?

Of komt dit door veranderingen in het gedrag van je kind?

Dan is het raadzaam om je kijken naar het gedrag van je kind. Stel jezelf bij elke vraag nog meer vragen.

  • Wat is dit gedrag? Hoe was dit voorheen? Kun je duiden wanneer dit anders geworden is?
  • Wat zie je daar wat je, in vergelijking met andere kinderen van zijn leeftijd, opvallend vindt?
  • Uit je kind zich? Wat maak je daaruit op?

Vervolgens is het handig om te kijken naar gedrag op school of op de peuterspeelzaal of kinderdagverblijf.

  • Hoe is jouw kind op school?
  • Wat is het beeld van de begeleiders?
  • Wat valt er op?
  • Wat valt er juist niet op en is dat dan weer opmerkelijk?
  • Ziet school gedrag wat jouw kind thuis niet laat zien?
  • En andersom?
  • Met wie gaat jouw kind om op school? Leeftijdsgenoten, oudere leerlingen, welke kenmerken kennen die leerlingen?
  • Of is jouw kind graag bij zijn begeleider en helpt het met klusjes doen?

Boven gestelde vragen zijn slechts ter inspiratie. Durf voor jezelf verder te gaan bij vragen die moeilijk of misschien zelfs niet te beantwoorden lijken. Je zult zien dat dit een overzicht creëert wat je houvast geeft voor jezelf, voor je partner en ook in verdere gesprekken met je omgeving.

Betrek je kind (en partner) bij jouw onderzoek

Hoe ouder je kind is, hoe beter je je gevoelens met je kind zelf kunt bespreken. Betrek hem of haar bij het onderzoeken. Praat maar vooral luister heel goed. Hoor wat je kind zegt en vooral ook wat hij/ zij niet zegt.

Vergelijkt jouw kind zich met zichzelf of met andere kinderen? Wees er scherp op dat je je kind geen woorden in de mond legt. Wil je kind nadenken? Laat hem nadenken! Hij hoeft niet direct te antwoorden. Je kunt ook spelenderwijs, bijvoorbeeld tijdens een creatieve middag, samen werken aan het onder woorden brengen van zijn en jouw gevoel. Maak een tekening, klei een eigen wereld en vraag naar wat jouw kind graag wil zijn op deze wereld. Bij sommige kinderen werkt het om rechtstreeks te zijn en bij anderen zorgt de rechtstreekse aanpak juist voor afhaken. “Pfoe, daar heb je mijn moeder weer…”

Jij kent je kind het best en weet het best wanneer hij zich het meest openstelt om met je in gesprek te gaan. Veelal hoor ik dat tijdens autorijden of buiten tijdens een wandeling de momenten zijn om vooral heel goed te luisteren. Probeer het uit! Het is niet erg als je het nu niet weet. Het is leuk om te kijken wat voor jullie beiden werkt en vraagt veel van jouw creativiteit om goede vragen te stellen. Leef je in in de belevingswereld van je kind. Hoe was het voor jou om de leeftijd van je kind te hebben?

Veins geen interesse maar toon echte interesse

Dus weg met de afleiding! Geen telefoon, geen andere kinderen, geen partner. Even helemaal relaxed tijd voor elkaar. Geef niet op wanneer je kind niet direct de eerste keer van zich laat horen. Geniet van de tijd die jullie met elkaar doorbrengen.

Wees scherp op het aanpassingsvermogen van jouw kind

Realiseer je dat een kind op jonge leeftijd al snel in de gaten heeft dat hij anders ‘werkt’ dan andere kinderen. Zeker bij kinderen die net naar school gaan kan dit leiden tot aanpassing aan in hun ogen, gewenst gedrag. ‘Als mijn vriendje nog niet tot 100 kan tellen, dan kan ik dat ook maar niet, dat zal wel niet zo horen.’

Zelfs kinderen die naar een peuterschool of kinderopvang gaan voor de leeftijd van 4 kunnen dit haarfijn aanvoelen. Wees hier alert op. Bedenk je ook dat je kind in deze omgeving een heel andere ‘ik’ kan laten zien dan thuis, waardoor het voor de begeleiding van jouw kind niet altijd zichtbaar is, terwijl het thuis zo duidelijk is. Frustreer je hier niet over maar ga in gesprek. Spreek je vermoedens uit. Geef aan wat je ziet en wat je onderzocht hebt. Ga er niet vanuit dat een begeleider je als zeurende of pusherige ouder ziet. Ook de begeleider is een professional. Jullie kunnen enorm veel van elkaar leren en daarmee je kind verder helpen.

Afvinklijstjes met kenmerken

Afvinklijstjes zijn te vinden op internet en ook zeker te gebruiken om wat overzicht te krijgen maar staar je hier niet op blind!

Heel veel succes met het reflecteren, het bedenken van goede vragen en het nieuwsgierig zijn naar de beleving van jouw kind! 

Ik ben benieuwd! Laat je me weten hoe je jouw zoektocht bent begonnen? Reageren kan onder deze blog! Liefs, Kris. 

Deel deze blog!

Facebook
Facebook
Follow by Email
Instagram
Google+
http://moxieandsam.com/vraag-van-de-week”>

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.